mr. Minnema’s Minuut #34 – Box 3 & herzieningsverzoek voorlopige aanslag
mr. Minnema’s Minuut #34 – Box 3 & herzieningsverzoek voorlopige aanslag

mr. Minnema’s Minuut #34 – Box 3 & herzieningsverzoek voorlopige aanslag

Een belanghebbende woont in Frankrijk en heeft twee panden in Nederland. Moet haar voorlopige aanslag IB 2024 rekening houden met het werkelijk rendement voor box 3?

In het kort

Na de ontvangst van haar voorlopige aanslag maakt ze bezwaar, ze wil dat er rekening wordt gehouden met het werkelijk rendement box 3. De inspecteur verklaart dit niet-ontvankelijk, want een bezwaar tegen een voorlopige aanslag is niet mogelijk (9.5 IB) en merkt het aan als herzieningsverzoek voorlopige aanslag.

Hoewel de inspecteur de voorlopige aanslag zo goed mogelijk moet opleggen, hindert 23a Uitvoeringsregeling AWR de tenuitvoerlegging. Daarin staat dat dit streven niet wordt toegepast, indien de automatisering dit niet, niet tijdig, niet juist of niet volledig kan verwerken. De inspecteur geeft aan dat systeemtechnisch het werkelijk rendement niet meegenomen kan worden in de voorlopige aanslag, daarom volgt een afwijzing (per voor bezwaar vatbare beschikking).

Hoewel ze nog geen opgaaf Werkelijk rendement heeft ingediend, wil belanghebbende dat de inspecteur het verzoek aanhoudt totdat het technisch mogelijk is om de VA juist op te leggen. Daarom stelt ze direct beroep in.

Bezwaar tegen VA

Dit wordt geblokkeerd door artikel 9.5 IB & 27 Vpb. Wel is het herzieningsverzoek mogelijk; hiermee kan ook om wijziging van de belastingrente worden verzocht. Een afwijzing van het verzoek gaat per beschikking, welke voor bezwaar vatbaar is. Via die route is uiteindelijk bezwaar & beroep mogelijk.

Het oordeel

De rechtbank merkt op dat belanghebbende ten onrechte de bezwaarfase overslaat, maar door de inspecteur’s instemming met prorogatie kan ze toch inhoudelijk naar het beroep kijken. De rechtbank bevestigt beide beslissingen. De niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de VA is terecht. Daarnaast is ook de afwijzing van het herzieningsverzoek terecht; het beroep op 23a UR AWR is terecht. Het aanhouden van het verzoek is niet aan de orde; belanghebbende heeft immers geen formulier ingediend, bovendien kan met het werkelijk rendement rekening worden gehouden bij de definitieve aanslag. Het beroep is daarom ongegrond.

Wat kunt u hieruit meenemen?

a) Wilt u de voorlopige aanslag aanpassen, vraag dan om herziening. Dat is de juiste route.

b) Met het werkelijk rendement box 3 zal de inspecteur geen rekening gehouden bij de voorlopige aanslag, gelet op 23 UR AWR. Het werkelijk rendement kan later nog bij de definitieve aanslag worden verwerkt.

Meer weten over formeel belastingrecht en fiscale boetes? Stuur mij gerust een bericht, ik help graag met de formeelrechtelijke kant van dossiers.

Link naar uitspraak Rb 12-10-2026

➡️ECLI:NL:RBZWB:2026:9921