Airbus betaalde omgerekend € 3,6 miljard om strafvervolging te ontlopen via een Deferred Prosecution Agreement (DPA), na strafrechtelijke onderzoeken naar omkoping en corruptie in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en de Verenigde Staten. Voor de omzetbelasting-inspecteur was dat genoeg om te stellen dat sprake is van absoluut verboden handelingen, zodat de voorbelasting op de daarmee verband houdende juridische kosten niet aftrekbaar zou zijn. Rechtbank Den Haag denkt daar anders over: een DPA is geen vaststelling van schuld in fiscale zin. Dit artikel ontleedt waarom de inspecteur daarin niet is geslaagd.
